Van 'dit doe ik niet' naar volledige betrokkenheid
"Je denkt toch niet dat ik met Lego ga spelen?"
Man met kopje koffie voor zijn neus. Armen over elkaar. Rijswijk, chainreaction-activiteit. Hij keek naar ons alsof we hem hadden gevraagd zijn diploma's in te leveren.
Dit gebeurt vaker dan je denkt. En het zijn zelden de mensen die je verwacht. Vaak juist de managers. De experts. De mensen die dertig jaar ervaring hebben en hun status hebben opgebouwd door serieus en professioneel te zijn.
Vorige week nog. Tech-bedrijf, innovatiemanager, begin vijftig. "Ik ben hier om te observeren, niet om mee te doen." Terwijl zijn team al aan de slag was, bleef hij demonstratief aan de kant zitten met zijn laptop.
Waarom volwassenen blokkeren
Spelen voelt als kinderachtig. Je bent senior director, hebt twee masters, leidt een groot team. En nu moet je met blokjes bouwen? Dat voelt als een aanval op je professionaliteit.
Maar de echte reden zit dieper: angst. Angst om niet goed te zijn in iets nieuws. Om fouten te maken waar je team bij is. Om controle te verliezen.
Want in een spel zijn je titels irrelevant. Je ervaring helpt niet. Iedereen begint bij nul.
Dat is bedreigend. En tegelijk precies waarom het werkt.
Het omslagpunt
Die man in Rijswijk begon mopperend mee te doen. "Voor de vorm." Bleef op afstand.
Maar toen liep zijn team vast. Technisch probleem met hun constructie. Hij zag meteen wat er mis was. Kon het niet laten. "Als je dat blokje daar..."
Binnen vijf minuten zat hij op zijn knieën tussen de Lego. Volledig opgegaan in het probleem. Hij was ineens vergeten dat hij dit kinderachtig vond.
Aan het eind ontwierp hij de meest creatieve oplossing van de hele groep. Een constructie waar andere teams jaloers naar keken.
"Dit was eigenlijk best interessant," zei hij. Understatement van het jaar.
De facilitator-truc
Onze facilitators dwingen niemand. Geen "je moet meedoen." Dat werkt averechts.
Ze geven kleine duwtjes. "Wat denk jij dat hier zou werken?" "Je team heeft je expertise nodig."
Soms werkt humor. "Je hoeft niet mee te doen hoor. Je kunt ook toekijken hoe je team zonder jou faalt." Met een knipoog. Uitdagend, niet beschuldigend.
Het spelconcept doet de rest. De activiteiten zijn zo ontworpen dat je er automatisch in wordt gezogen. Je ziet anderen worstelen met iets waar jij de oplossing voor hebt. Je natuurlijke behulpzaamheid wint het van je weerstand.
Waarom dit ertoe doet
Die weigeraars zijn vaak je belangrijkste deelnemers. Ze hebben invloed. Als zij meedoen, volgt de rest. Als zij enthousiast worden, verandert de hele dynamiek.
Maar belangrijker: zij hebben het meeste te winnen. Ze doorbreken jarenlange patronen. Leren anders kijken. Ontdekken dat kwetsbaarheid geen zwakte is.
Ze ervaren wat hun teamleden dagelijks voelen: onzekerheid bij nieuwe uitdagingen. Niet alles weten. Hulp moeten vragen.
Dat maakt ze betere leiders.
Het bewijs
Negen van de tien Lego-weigeraars zijn aan het eind het meest enthousiast. Niet ondanks hun weerstand. Dankzij hun weerstand.
Want wie het verst moet reizen, ervaart de grootste verandering.
En die man uit Rijswijk? Hij belde twee maanden later. Of we ook iets voor zijn afdeling konden doen.
Met Lego.